Begrippen grensarbeid

    Vooraf: omwille van de vaak ingewikkelde wetgeving en reglementering hebben sommige begrippen een meer technische inhoud. Aarzel niet om desgewenst verder advies in te winnen.

    25%-REGEL (SOCIALE ZEKERHEID)
    Elk land in Europa stelt zijn eigen socialezekerheidswetgeving vast. Dit maakt het noodzakelijk dat in grensoverschrijdende situaties coördinatieregels gelden die bepalen welk nationaal recht toepasselijk is op de onderhavige situatie. De Europese Unie heeft dergelijke coördinatieregels vastgesteld om de grensoverschrijdende arbeidsmobiliteit te bevorderen. De algemene regel luidt: Sociaal verzekerd ben je slechts in één land waar je dan ook premies betaalt. Het is echter niet altijd eenduidig welke wetgeving toepasselijk is, bijvoorbeeld als je in twee landen tegelijk werkt. Daarom omvatten de Europese coördinatieregels ook voorrangregels. De 25%-regel is er een van:

    • Als je als werknemer in meer dan één EU-land werkt maar een aanzienlijk deel van je werkzaamheden in je woonland verricht, zal je socialezekerheidsplicht doorgaans in je woonland liggen. Een “aanzienlijk deel” betekent ten minste 25% van je werktijd en/of inkomsten.
    • Als je als zelfstandige in meer dan één EU-land werkt maar een aanzienlijk deel van je werkzaamheden in je woonland verricht, zal je socialezekerheidsplicht doorgaans je woonland liggen. Een “aanzienlijk deel” betekent ten minste 25% van je werktijd en/of inkomsten. Bij deze berekening spelen ook de omzet uit de zelfstandige onderneming en het aantal opdrachten een rol.

    183 DAGEN-REGELING (BELASTING)
    De meeste belastingverdragen bepalen dat het werkland van de werknemer het recht heeft belasting te heffen over het loon dat de werknemer daar verdient. Onder bepaalde voorwaarden mag een werknemer belasting blijven betalen in het land waar hij woont, terwijl hij in een ander land werkt. De zogenaamde 183-dagen regel kan hier van toepassing zijn, wanneer aan alle voorwaarden wordt voldaan.

    • De werknemer verblijft binnen een bepaalde periode (een tijdvak of tijdvakken) niet langer dan 183 dagen in het werkland gedurende een tijdvak van twaalf maanden beginnend of eindigend in het desbetreffende belastingjaar (Belastingverdrag tussen België en Nederland). Voor het berekenen van de 183 dagen tellen alle “verblijfsdagen” mee, dus niet alleen werkdagen. Dat wil zeggen ook weekenden (bijvoorbeeld voor boodschappen) en vakantiedagen. Een dagdeel telt als een volledige dag.
    • De werknemer wordt betaald door of namens een werkgever die niet is gevestigd in het werkland. (In internationale uitleensituaties wordt vaak niet voldaan aan de 2e voorwaarde van de 183-dagenregeling.)
    • De werknemer werkt niet in een vaste inrichting van de werkgever in het werkland.

    In sommige situaties die verband houden met personeel uitlenen, uitzenden en detacheren, is deze regel niet van toepassing en ben je al vanaf de eerste werkdag in het buitenland belasting verschuldigd in dat land. Voor meer informatie neem contact op met onze dienstverlening of Team Grensoverschrijdend Werken en Ondernemen (GWO).

    A1-VERKLARING
    Een A1-verklaring is het officiële bewijs dat verklaart in welk land je sociaal verzekerd bent, d.w.z. waar je sociale premies moet betalen. Bij het bepalen van de toepasselijke wetgeving wordt er een verschil gemaakt tussen

    • enerzijds detachering (tijdelijke onafgebroken werkzaamheden waarbij betrokken persoon doorgaans voor 100% tewerkgesteld is in het buitenland) waarbij voldaan moet worden aan bepaalde voorwaarden (zie hieronder), en
    • tegelijk werken in twee of meer EU-landen waarbij voor de toepassing van de 25%-regel (zie hierboven) bepaald moet worden hoeveel in het ene en het andere land wordt gewerkt (doorgaans op basis van werktijd en/of inkomsten).

    DETACHERING WERKNEMER
    Detachering is altijd tijdelijk. De onderneming kan werknemers alleen voor een beperkte periode detacheren en er moet gedurende de gehele detacheringsperiode een arbeidsrelatie bestaan.

    Een onderneming die een werknemer in een andere EU-lidstaat detacheert, moet voor zover mogelijk vóór de detachering contact opnemen met de bevoegde instantie voor sociale zekerheid in de lidstaat van herkomst. De instantie moet de werknemer dan een certificaat – de zgn. A1-verklaring – verstrekken, dat bepaalt van welke land de socialezekerheidswetgeving van toepassing is op de werknemer tijdens de detachering.

    Met ingang van 30 juli 2020 hebben werknemers die voor perioden van langer dan 12 maanden (of 18 maanden na een gemotiveerde kennisgeving van de werkgever) worden gedetacheerd, recht op alle verplicht toe te passen arbeidsvoorwaarden en -omstandigheden van de ontvangende lidstaat, met uitzondering van de procedures en voorwaarden voor de sluiting en beëindiging van arbeidsovereenkomsten van de ontvangende lidstaat (Europese Commissie, 20191).

    De verwachte duur van de activiteit of werkzaamheden in de ontvangende lidstaat mag niet langer zijn dan maximaal 24 maanden, als de betrokken persoon volgens de coördinatie van de sociale zekerheid gedekt wil blijven door de socialezekerheidswetgeving van het land van herkomst.

    DETACHERING ZELFSTANDIGE
    Ook als zelfstandige ligt je socialeverzekeringsplicht doorgaans in het land waar je werkt. Zijn de buitenlandse werkzaamheden of activiteiten tijdelijk? Dan blijft voor jou de socialezekerheidswetgeving van het land van vestiging gelden, als je aan de nationale voorwaarden voor detachering voldoet. Het is altijd aan te raden om een A1-verklaring aan te vragen (zie hierboven). Voor meer informatie neem contact op met onze dienstverlening of voor België: Rijksinstituut voor de Sociale Verzekeringen der Zelfstandigen (RSVZ), Internationale Dienst, en voor Nederland: Sociale Verzekeringsbank (SVB), Internationale Detachering.

    HERKWALIFICATIE ALS WERKNEMER
    De rechtskeuze in de tool (welke is de toepasselijke wetgeving op de in de vragenlijst ingevulde situatie) gaat ervan uit dat de wetgeving van het land waar de onderneming gevestigd is, bekend is. De tool beoogt de gebruiker te laten checken of zijn grensoverschrijdende werksituatie in lijn is met de geldende wetgeving. Daarom focust de keuze van het toepasselijke arbeidsrecht in geval van schijnzelfstandigheid op de activiteiten die in het buurland worden verricht.

    RECHTSKEUZE SOCIALEZEKERHEIDSWETGEVING ZELFSTANDIGE (België/Nederland, tenzij…)
    Het advies over de rechtskeuze (op het eindscherm) van de vragenlijst over grensoverschrijdend werken als zelfstandige (zzp’er) is als volgt samengesteld: Het gaat in eerste plaats uit van het land waar de onderneming gevestigd is, d.w.z. in gevallen van detachering. Bij gevallen van werken in twee landen of zonder A1-verklaring is het advies, in tweede plaats, gebaseerd op de 25%-regel (zie hierboven).

    RECHTSKEUZE BELASTINGWETGEVING
    Algemene regel belastingplichtig in het woonland terwijl doorgaans ook een werkland een recht op belastingheffing heeft. Daarom worden onder deze categorie doorgaans beide landen getoond in het eindadvies. Of de nationale fiscale autoriteiten van dit recht gebruik maken – dat wil zeggen of men daadwerkelijk belastingen moet betalen of een vrijstelling geniet – hangt af van de omstandigheden van het individuele geval.

    VASTE INRICHTING (grensoverschrijdende activiteiten belast in het buitenland)
    Als een onderneming activiteiten uitoefent buiten het land van vestiging en deze buitenlandse activiteiten een zekere mate aan regelmaat en belang hebben, dan kunnen deze eventueel belast worden in het land waar ze worden verricht. Dan kan er sprake zijn van een vaste inrichting.
    Het heffingsrecht over de winsten die met deze activiteiten worden behaald, verschuift dan van het land van vestiging naar het land waar de activiteiten worden uitgeoefend.

Waar kan ik terecht met al mijn vragen?

Belgische vakbonden

Nederlandse vakbonden